Grasparkieten (Melopsittacus undulatus)

De grasparkiet komt van oorsprong uit Australië en wordt daar bush budgets genoemd. Ze behoren tot de orde van de papegaaiachtigen (Psittaciformes).

Zoals op veel plaatsen in de wereld begint daar het broedseizoen als het regenseizoen begint, er is dan volop voedsel om de jongen groot te brengen. De grasparkieten zijn ongeveer 150 jaar geleden naar Europa gehaald.

Als vogels ontsnappen hebben ze in Nederland een kansje om in het wild te overleven. In sommige stadsparken hebben zich grote groepen gehuisvest.

De oorspronkelijke kleur van de grasparkiet is groen. De lengte ongeveer 19 cm en het gewicht van een man 26-29 gram en van een pop 27-29 gram. Een grasparkiet kan in gevangenschap 20 jaar worden, maar de meeste halen dit niet doordat ze wegvliegen, een ongeluk krijgen of de voeding en verzorging niet goed is.

Broeden

Het broedseizoen begint eind maart begin april.

Om te kunnen kweken met grasparkieten moet de man minimaal 10 maanden zijn en de pop minimaal 1 jaar en maximaal 5 jaar.

Grasparkieten broeden het liefst in een blok, dat kan liggend of staand zijn, van 15x15x25 centimeter met een invlieggat van 4-6 cm. Het is niet nodig om er nestmateriaal in te doen, wel moet er een kuiltje in zitten zodat de eieren niet wegrollen.

Het voordeel van een liggend blok is dat het ouderkoppel niet direct op de eieren springt zodat deze kunnen breken. De eerste eieren worden meestal ongeveer 10 dagen na het paren gelegd. De eieren worden om de dag gelegd en na het 3e ei gaat de pop broeden.

Een gemiddeld legsel is 6 eitjes. Na ongeveer 18-21 dagen komen de eieren uit. De pop eet de eierbasten op om die als voedsel aan de jonge te voeren.

De eerste week worden ze uitsluitend door de pop gevoerd met kropmelk, het mannetje helpt met voeren door het voer naar het vrouwtje te brengen en aan haar over te kroppen. De volgorde van het voeren is altijd hetzelfde eerst het oudste jong, dan het tweede, het laatste jong krijgt altijd als laatste te eten. Na ongeveer 4 weken komen de jongen het nest uit, ze gaan nog wel terug om te slapen.

Na 6-7 weken zijn de jongen zelfstandig en kunnen bij de ouders weg. De jongen moeten ongeveer de 10e dag geringd worden met ringmaat 4 mm. Het is niet verstandig om meer dan 2 rondes te broeden omdat de pop dan uitgeput raakt. Controleer iedere dag het nest zodat de ouders eraan wennen dat je er af en toe in kijkt, ook als de jongen in het blok liggen.

Voeding

Parkieten hebben een goed zaadmengsel nodig dat bestaat uit kanariezaad, gepelde haver, witte, gele en rode milet. Groenvoer en fruit mogen ook niet aan het menu ontbreken, maar wel met maten. Verse graszaden en trosgierst vinden ze niet alleen lekker maar het houdt ze ook actief, ze zullen de bosjes helemaal slopen. Het is belangrijk dat de vogels altijd kunnen beschikken over grit, maagkiezel en sepia. Grasparkieten drinken niet veel maar moeten altijd vers drinkwater tot hun beschikking hebben.

Ook een badje wordt erg oprijs gesteld. In het broedseizoen hebben grasparkieten eivoer nodig speciaal voor grasparkieten. Dit is om aan de kalk en eiwit behoefte van de pop te voldoen, anders zullen de eischalen niet sterk genoeg zijn, of er word teveel kalk aan het popje onttrokken. Als er jongen zijn dan hebben ze ook eivoer nodig voor de opbouw van het skelet.

Het eivoer moet iedere dag vervangen worden omdat het anders bederft. In de ruiperiode is het goed om de vogels als extraatje af en toe een beetje eivoer te geven. Eivoer kan rul gemaakt worden met een beetje water of met geraspte groente en fruit.

Maak een Gratis Website met JouwWeb